Baker Tilly

Veelgestelde vragen bij dividenduitkeringen

Dividenden, interimdividenden, tussentijdse dividenden,…. Wanneer mogen deze uitgekeerd worden? Wat is vatbaar voor uitkering? Hierna vindt u het antwoord op enkele veel gestelde vragen inzake dividenduitkeringen.

Een jaarlijks terugkerend punt bij de bespreking van de jaarrekening is de resultaatverwerking. Het ideale moment om een aantal principes inzake dividenduitkeringen op te frissen.

Geven niet-volgestorte aandelen recht op dividend?

Noch in de wet, noch in de rechtsleer wordt een eenduidig antwoord gegeven op de vraag in welke mate de houder van niet-volgestorte aandelen recht heeft op een dividend: moet de winst worden uitgekeerd in verhouding tot de inbrengwaarde van de aandelen dan wel in verhouding tot de graad van volstorting van deze inbreng?

Gelet op voormelde onduidelijkheid is het aangewezen om dit eenduidig te regelen in de statuten. Bij gebreke aan een dergelijke regeling lijkt de meerderheid van de rechtsleer ervan uit te gaan dat dividenduitkeringen in principe naar evenredigheid van de gestorte bedragen moeten plaatsvinden.

Vanaf wanneer geven aandelen uitgegeven n.a.v. een kapitaalverhoging recht op dividend?

Hebben deze aandelen recht op een dividend voor het gehele boekjaar of enkel vanaf het moment dat ze zijn uitgegeven (pro rata temporis)?

Een onderscheid moet gemaakt worden tussen een kapitaalverhoging door inbreng van externe middelen en een kapitaalverhoging uit vennootschapsmiddelen:

  •  externe middelen: er kan worden verdedigd dat de winstverdeling in dergelijk geval pro rata temporis geschiedt, omdat de nieuwe aandeelhouder/vennoot pas vanaf het moment van de kapitaalverhoging het risico opneemt. Ook hieromtrent kan in de statuten in een eenduidige regeling worden voorzien;
  • vennootschapsmiddelen: indien de waardeverhoging van de bestaande aandelen op correcte wijze verloopt of indien de nieuw gecreëerde aandelen op correcte wijze onder de aandeelhouders/vennoten worden verdeeld, worden de bestaande aandeelhouders/vennoten volledig gecompenseerd voor een eventuele dividendverwatering.

Vanaf wanneer geven aandelen uitgegeven n.a.v. de conversie van obligaties en warrants recht op dividend?

Ook hier stelt zich de vraag of de aandelen uitgegeven n.a.v. de conversie recht geven op een dividend voor het gehele boekjaar of enkel vanaf het moment dat ze zijn uitgegeven (pro rata temporis)?

In de praktijk wordt vaak voorzien in een winstgerechtigheid over het volledige boekjaar. Eventueel kan met betrekking tot rentedragende obligaties ook voorzien worden dat de rente blijft lopen tot het moment van conversie waarbij men voor de periode na de conversie recht heeft op een pro rata deel van het eventueel toegekende dividend.

Kan overgedragen winst uitgekeerd worden als tussentijds dividend?

Onder het begrip “tussentijds dividend” wordt verstaan, een dividend dat niet door de jaarvergadering wordt goedgekeurd, maar door een bijzondere algemene vergadering op een datum die niet samenvalt met de statutair voorziene datum voor de goedkeuring van de jaarrekening. Het Hof van Cassatie heeft in haar arrest van 23 januari 2003 uitdrukkelijk beslist dat de algemene vergadering een tussentijds dividend kan uitkeren dat van de beschikbare reserves wordt afgenomen. Het Hof deed echter geen uitspraak over de mogelijkheid tot tussentijdse uitkering van de overgedragen winst. Het Wetboek van vennootschappen voorziet daarentegen uitdrukkelijk voor de NV en de Comm.VA dat de overgedragen winst als interimdividend kan worden uitgekeerd.

Evenwel is de meerderheid van de rechtsleer, alsook het Informatiecentrum voor het Bedrijfsrevisoraat (ICCI) van oordeel dat ook de overgedragen winst kan uitgekeerd worden als tussentijds dividend. Er bestaat immers geen wezenlijk onderscheid tussen beschikbare reserves en overgedragen winst.

Wanneer kan een interimdividend worden uitgekeerd?

Tot uitkering van een interimdividend kan enkel worden besloten indien cumulatief aan de volgende voorwaarden is voldaan:

  • enkel toegelaten in de NV en de Comm.VA;
  • de mogelijkheid tot uitkering van een interimdividend door het bestuursorgaan moet voorzien zijn in de statuten;
  • de uitkering van het interimdividend mag alleen gebeuren op de winst van het lopend boekjaar, in voorkomend geval verminderd met het overgedragen verlies of vermeerderd met de overgedragen winst van de vorige boekjaren, zonder onttrekking aan de reserves die wettelijk of statutair moeten worden gevormd of de beschikbare reserves. Artikel 618 W.Venn. moet samen gelezen worden met artikel 617 W.Venn. wat impliceert dat ook de uitkeerbare winst overeenkomstig artikel 617 W.Venn. moet berekend worden. Indien de uitkeerbare winst volgens deze berekening lager is dan de uitkeerbare winst berekend overeenkomstig artikel 618 W.Venn., kan enkel het lagere bedrag worden uitgekeerd;
  • het bestuursorgaan moet aan de hand van een staat van activa en passiva vaststellen dat de winst voldoende is om het interimdividend uit te keren;
  • deze staat moet door de commissaris worden nagezien voor zover een commissaris in functie is in de vennootschap;
  • de beslissing van het bestuursorgaan om het interimdividend uit te keren mag niet later worden genomen dan twee maanden na het opstellen van de staat van activa en passiva;
  • de uitkering van een interimdividend mag niet vroeger gebeuren dan zes maanden na het afsluiten van het vorig boekjaar en slechts nadat de jaarrekening van het vorig boekjaar is goedgekeurd
  • een tweede interimdividend mag slechts drie maanden na het eerste worden toegekend.

Kan een interimdividend worden uitgekeerd tijdens het eerste boekjaar van de vennootschap?

De meerderheid van de rechtsleer gaat ervan uit dat een uitkering van een interimdividend tijdens het eerste boekjaar van een vennootschap mogelijk is, waarbij het eerste interimdividend wel pas ten vroegste zes maanden na de oprichting kan worden uitgekeerd. Deze stelling wordt bevestigd door de Commissie voor Boekhoudkundige Normen en het Informatiecentrum voor het Bedrijfsrevisoraat.

Hoeveel interimdividenden kunnen in de loop van een boekjaar worden uitgekeerd?

De meerderheid van de rechtsleer stelt dat per jaar maximaal twee interimdividenduitkeringen mogelijk zijn en dat de beslissing daartoe noodzakelijk moet genomen worden voor de afsluiting van het boekjaar. Deze stelling wordt bevestigd door de Commissie voor Boekhoudkundige Normen en vindt ook steun in de parlementaire voorbereiding en het antwoord op een parlementaire vraag.

Kan een interimdividend worden uitgekeerd indien er geen winst of zelfs een verlies over het lopende boekjaar is geïncasseerd, louter door afname van de overdragen winst van de vorige jaren?

De wet lijkt dit niet te verbieden, maar dit is o.i. niet aan te bevelen.

Mocht u hierontrent vragen hebben, kan u steeds terecht bij Anne Roucourt of uw dossierverantwoordelijke.

 

23/04/2013