Baker Tilly

De bedrijfswagen : verwarring troef

 

Wanneer een onderneming aan een werknemer of een bedrijfsleider een personenwagen ter beschikking stelt dan wordt dit "voordeel" door de wetgever beschouwd als een bezoldiging.

In fiscale termen spreekt van een voordeel van alle aard.  Om dit voordeel te bepalen wordt een vaste formule gehanteerd.  Tot vorig jaar was dit voordeel afhankelijk van het aantal privé afgelegde kilometers.  Afhankelijk van het feit of de afstand tot de werkplaats hetzij minder dan 25 kilometer hetzij  meer dan 25 kilometer bedroeg,  werd het aantal privé afgelegde kilometers forfaitair bepaald op respectievelijk 5.000 of 7.500 kilometer.

Bij de opmaak van de begrotingsmaatregelen heeft men deze regelgeving volledig omgegooid.

Er wordt nu enkel nog rekening gehouden met twee parameters, met name de "cataloguswaarde" en de "Co2-uitstoot".

De formule luidt als volgt :  VAA firmawagen = cataloguswaarde x CO2% x 6/7

Lange tijd was onduidelijk wat men diende te verstaan onder het begrip cataloguswaarde.  De wetgever bracht eind december 2011 duidelijkheid door dit begrip te definiëren als zijnde de effectief gefactureerde waarde inclusief BTW en opties zonder aftrek van kortingen. 

De tweede factor, met name het CO2-% wordt als volgt berekend :

5,5% voor dieselwagens met 95g/km CO2 uitstoot en benzinewagens (LPG of aardgas) met 115 g/km CO2 uitstoot. 

  • +0,1% per extra gram CO2 > grens 95/115
  • -0,1% per extra gram CO2 < grens 95/115
  • minstens 4% en maximaal 18%

Samengevat

Brandstof

Nieuwe formule

Diesel

VAA per jaar =
[5,5% + (CO2-95) x 0,1%] x catalogusprijs (incl. btw en opties) x 6/7

Benzine

VAA per jaar =
[5,5% + (CO2-115) x 0,1%] x catalogusprijs (incl. btw en opties) x 6/7

Elektriciteit

VAA per jaar =
4% x catalogusprijs (incl. btw en opties) x 6/7

Met een absoluut minimumvoordeel van 1.200 EUR/jaar.

Bovendien wordt in hoofde van de werkgever, indien deze laatste een vennootschap is, dit voordeel nog eens voor 17% als een verworpen uitgave beschouwd, bovenop de vroegere beperkte aftrek van de autokosten. Meer nog, in de hypothese dat de vennootschap zich in een verliessituatie bevindt zal deze verworpen kost zelfs als “minimaal te belasten” basis worden beschouwd.

Een praktisch voorbeeldje, dat tevens aanduidt in welke  mate deze nieuwe berekening tot verrassende resultaten kan leiden, zal dit wellicht verduidelijken :

Mercedes GL 450 CDI 7p - 307 gr. C02

Voorheen:   VAA 2011  op basis van aantal afgelegde kilometers (ff. 5000) :    3.637,95  euro

Nu:                VAA 2012 : 107.197 x 18% x 6/7                                                       :  16.538,96  euro    

In bepaalde situaties zijn de verschillen nog veel frappanter om niet te zeggen hallucinant.

Bedrijfsleiders werden vanuit verschillende hoeken onmiddellijk overstelpt met zogenaamde wonderbaarlijke oplossingen, de naam advies niet waardig, die vaak geen enkel voordeel opleveren of daarenboven zelfs zijn af te raden , hetzij omdat de risico's  niet correct werden ingeschat hetzij omdat de geboden oplossing bij nader inzien zelfs minder gunstig is. 

Ondertussen zijn er vanuit de regering voorstellen gelanceerd om de nieuwe regeling aan te passen. Enerzijds stelde zij immers vast dat, om het voordeel van alle aard kunstmatig te beperken, men methoden aan het ontwikkelen was om nieuwe wagens als tweedehandsauto's voor te stellen.
Anderzijdswas zij zelf tot het (late) besef gekomen dat de strikte toepassing van de wet een verschillend voordeel zou kunnen opleveren voor een zelfde wagen die even oud is, wanneer de ene nieuw is aangekocht en de andere tweedehands.

Daarom wordt in het nieuwe voorstel dat nu op tafel ligt uitgegaan van de catalogusprijs van het voertuig in nieuwe staat bij verkoop aan een particulier, inclusief opties en belasting over de toegevoegde waarde, zonder rekening te houden met enige korting, vermindering, rabat of ristorno.

Om rekening te houden met de ouderdom van het voertuig wordt nu tevens voorgesteld om op de cataloguswaarde een correctiecoëfficiënt toe te passen in functie van de ouderdom van het voertuig.
Die correctiecoëfficiënt zou als volgt worden bepaald :

Periode verstreken sinds de eerste inschrijving van het voertuig (*)

Bij de berekening van het voordeel in aanmerking te nemen percentage van de cataloguswaarde

Van 0 tot 12 maanden

100%

Van 13 tot 24 maanden

94%

Van 25 tot 36 maanden

88%

Van 37 tot 48 maanden

82%

Van 49 tot 60 maanden

76%

Vanaf 61 maanden

70%

(*) een begonnen maand wordt voor een volle geteld

 


Wij benadrukken dat deze laatste voorstellen, met name de verfijning van het begrip catalogusprijs en het hanteren van een correctiecoëfficiënt op vandaag, 1 februari 2012, enkel een voorstel is dat ter tafel ligt en vooralsnog geen wettelijke basis heeft. 

Wij volgen het voor u in elk geval op de voet......

Wenst u over dit alles meer te weten, neem dan contact op met Dany De Decker of uw dossierverantwoordelijke.

 

1/02/2012