Baker Tilly

Btw – nieuwe regels inzake ‘langetermijn’ verhuur van voertuigen aan niet-belastingplichtigen


Met ingang van 1 januari 2013 zijn op het vlak van de btw de plaatsbepalingsregels voor langetermijnverhuur van voertuigen aan niet-belastingplichtige klanten gewijzigd. Dergelijke verhuur vindt niet langer plaats waar de verhuurder is gevestigd, maar wel waar de klant is gevestigd (nieuw art. 21bis, § 2, 7°bis, Btw-Wetboek). Het huren van voertuigen aan een gunstiger btw-tarief wordt hierdoor voortaan volledig uitgesloten. Hebt u (nog) een dergelijk huurcontract lopen, dan dient dit te worden herbekeken.

Verhuur van voertuigen aan niet-belastingplichtigen – wijziging 1 januari 2013


Zoals u zich misschien nog herinnerd werden met de invoering van het ‘btw-pakket’ op 1 januari 2010 de plaatsbepalingsregels van diensten grondig gewijzigd. Ook wat betreft de verhuur van vervoermiddelen traden toen tal van wijzigingen op. Tevens werd een onderscheid gemaakt tussen verhuur op lange en op korte termijn. Onder verhuur op korte termijn valt het ononderbroken bezit van het voertuig gedurende een periode van ten hoogste 30 dagen.

Verhuur op lange termijn van voertuigen aan btw-belastingplichtigen (B2B) vond reeds vanaf 1 januari 2010 plaats waar de afnemer is gevestigd (voordien was dit waar de leasemaatschappij was gevestigd). De verhuur op korte termijn zowel aan belastingplichtigen (B2B) als aan niet-belastingplichtigen (B2C) vond vanaf die datum plaats waar het voertuig daadwerkelijk ter beschikking van de ontvanger wordt gesteld.

De verhuur op lange termijn aan niet-belastingplichtigen (B2C) werd toentertijd niet gewijzigd. Deze vond tot voor kort plaats waar de leasemaatschappij gevestigd was. Deze regeling bood bepaalde mogelijkheden. Denk bijvoorbeeld aan de huur van een voertuig door een niet-belastingplichtige bij een Luxemburgse leasemaatschappij aan 15% btw (i.p.v. 21%). Hierin kwam begin dit jaar verandering. Vanaf 1 januari 2013 vindt de langetermijnverhuur van voertuigen in een B2C relatie eveneens plaats waar de klant is gevestigd, dan wel hij zijn woonplaats of gebruikelijke verblijfplaats heeft.

Hierdoor wordt de langetermijnverhuur B2B en B2C voortaan gelijkgeschakeld, dit wat betreft de plaats van de dienst. Het onderscheid blijft wel nog een rol spelen wat betreft de vraag wie de Belgische btw dient te voldoen. Is de ontvanger van het gehuurde voertuig een belastingplichtige dan dient deze zelf de Belgische btw te voldoen wanneer de leasemaatschappij in een andere lidstaat is gevestigd. Is de afnemer een niet-belastingplichtige dan zal de leasemaatschappij zelf Belgische btw dienen aan te rekenen.

Ook voor lopende huurcontracten die reeds vóór 2013 werden afgesloten maar die dit jaar doorlopen veranderen de regels. Hebt u te maken met dergelijke (lopende) huurcontracten dan zullen deze dienen te worden herbekeken.

Wenst u over dit alles meer te weten, neem dan contact op met Wim De Pelsmaeker of Veerle Van Den Steen of uw dossierverantwoordelijke.

 

25/01/2013