Baker Tilly

Btw-eenheid: aandachtspunten en nieuwe evoluties


De btw-eenheid krijgt de laatste jaren stilaan meer bekendheid en schept in veel gevallen tal van voordelen en planningsopportuniteiten. Bij de oprichting ervan is het wel opletten geblazen. Er dient met verstand van zaken te worden gehandeld, teneinde onprettige risico’s te vermijden. Zo riskeert men bij een verkeerde rapportering van de btw-herzieningen een boete van 20% op het volledige btw-bedrag dat voor herziening vatbaar is. Tevens kunnen volgens het Hof van Justitie voortaan ook niet-belastingplichtigen deel uitmaken van een btw-eenheid, iets wat vooralsnog in België niet wordt aanvaard.

Btw-eenheid schept mogelijkheden voor een optimalisatie van de btw-aftrek

In april 2007 werd in België het concept van de btw-eenheid geïntroduceerd. Een btw-eenheid komt er in feite op neer dat twee of meerdere zelfstandige belastingplichtigen zich voor btw-doeleinden verenigen tot één groep. Het betreft personen die in juridisch opzicht onafhankelijk zijn maar die onderling financieel, economisch en organisatorisch nauw met elkaar verbonden zijn.

De handelingen die onderling tussen de leden van de btw-eenheid plaatsvinden vallen buiten het toepassingsgebied van de btw. Deze handelingen worden als het ware aan de btw onttrokken. Bijgevolg neutraliseert de btw-eenheid de btw-kosten op intra-groepstransacties.

Dit laatste schept op zich tal van mogelijkheden en voordelen. Neem het voorbeeld van een patrimoniumvennootschap die intra-groep onroerende goederen verhuurt. Aangezien dit een van btw vrijgestelde activiteit betreft is ook de btw op de oprichtings- of aanschaffingskosten alsook deze op onderhoud of omvormingswerken geheel niet aftrekbaar. De oprichting van een btw-eenheid tussen de patrimoniumvennootschap en één of meerdere exploitatievennootschappen kan hierbij een oplossing bieden en dergelijke btw volledige aftrekbaar maken.

Ook bij doorrekeningen van kosten binnen een en dezelfde btw-eenheid ondervindt men binnen een btw-eenheid niet langer de nadelige gevolgen van bepaalde aftrekbeperkingen waardoor de btw niet langer blijft hangen.

Wel opletten bij de implementatie of toetreding

Aanzienlijke voordelen dus, al moet bij de oprichting van een btw-eenheid of bij de toetreding van een nieuw lid wel goed worden opgelet dat alles correct verloopt.

Zo dient op het ogenblik van de toetreding van de leden tot de btw-eenheid de door hen oorspronkelijk in aftrek gebrachte btw betreffende hun bedrijfsmiddelen te worden herzien (lees: terugbetaald), voor zover en in de mate dat de herzieningstermijn nog niet is verstreken. Samenhangend hiermee kan de btw-eenheid zelf een herziening verrichten in haar voordeel. Bijgevolg dient er op dat ogenblik zowel een negatieve als een positieve herziening te worden verricht van de btw op bedrijfsmiddelen, wat mogelijks aanleiding kan geven tot een belangrijke voorfinanciering. Om dit te vermijden werd voorzien in een compensatiemaatregel tussen de verschuldigde en de te recupereren btw. Hierbij eist de btw-administratie dat niet het uiteindelijk netto resultaat van de compensatie in de btw-aangifte wordt opgenomen, maar wel de volledige negatieve en positieve herziening. Een kleine nuance zonder financieel voor- of nadeel voor de Staat, ware het niet dat ze bij een verkeerde rapportering 20% boete heft op het volledige btw-bedrag dat voor herziening vatbaar is. Het niet opnemen van de herziening in het voordeel van de Schatkist vormt volgens de administratie immers een overtreding. Deze werkwijze werd onlangs bevestigd door de minister van Financiën (Vr. nr. 259 van mevrouw Wouters van 7 maart 2013).

Een duidelijke advisering blijkt dus niet overbodig teneinde in dit mijnenveld nog steeds uw voordeel te kunnen doen.

Kunnen binnenkort niet-belastingplichtigen ook lid worden?

Om in België lid te worden van een btw-eenheid dient men de hoedanigheid te hebben van een in België gevestigde btw-belastingplichtige. Bijgevolg kunnen passieve holdings, bepaalde overheidslichamen en –instellingen en natuurlijke personen vooralsnog geen deel uitmaken van een btw-eenheid.

Maar hier komt binnenkort misschien verandering in. Zo oordeelde het Europese Hof van Justitie recentelijk dat ook niet-belastingplichtige personen deel kunnen uitmaken van een btw-eenheid (H.v.J., zaak C-85/11 van 9 april 2013, Europese Commissie t. Ierland).

Het lijkt er dus op dat de Belgische zienswijze in deze te beperkt is en naar de toekomst toe mogelijks dient te worden aangepast.

Wij houden eraan u op dat vlak op de hoogte te houden in een latere nieuwsbrief.

Wenst u over dit alles meer te weten, neem dan contact op met Wim De Pelsmaeker of Veerle Van Den Steen of uw dossierverantwoordelijke.

 

30/05/2013