Baker Tilly

Voordelen alle aard: En wat met de btw?


Sinds 1 januari 2011 gelden in België nieuwe regels wat betreft de btw-aftrek op gemengd gebruikte roerende en onroerende bedrijfsmiddelen. Voor onroerende bedrijfsmiddelen zijn deze nieuwe regels vanaf dan verplicht toepasbaar. Wat betreft de roerende bedrijfsmiddelen geldt de verplichtte toepassing vanaf 2013.

 
Ingevolge deze wijziging is de btw welke drukt op de aankoop of de afname van deze goederen en/of diensten enkel nog aftrekbaar voor het effectief beroepsmatig gebruik ervan. De btw-aftrek wordt bijgevolg van bij de start correct beperkt rekening houdend met het effectief beroepsgebruik. Tegelijk geeft het privégebruik van deze bedrijfsmiddelen niet langer aanleiding tot de verplichting om btw af te dragen op basis van het voordeel van alle aard. De link die in het verleden bestond tussen het voordeel van alle aard inzake directe belastingen en de btw werd door de invoering van de nieuwe regeling volledig doorgeknipt. Wat het gratis ter beschikking stellen van bedrijfswagens betreft kan er zich in uitzonderlijke omstandigheden nog btw op het privégebruik manifesteren. Dit wordt dan echter niet langer bepaald op basis van het voordeel van alle aard inzake direct belastingen maar wel via de gedane uitgaven waarbij ook dient rekening te worden gehouden met het werkelijk beroepsgebruik.

Bijgevolg is het voortaan van uitermate belang om het beroepsgebruik correct te kunnen bepalen. Wat betreft bedrijfswagens die zowel beroepsmatig als privé worden gebruikt en gratis ter beschikking worden gesteld van de werknemer of bedrijfsleider voorziet de administratie in 3 methoden om de verhouding privé- / beroepsgebruik te bepalen (rittenadministratie, semi-forfaitaire formule of een algemeen forfait van 35%). Specifiek wat betreft fiscale lichte vrachtwagens wordt voorzien in een 4de methode (algemeen forfait van 85% of 35%). Hiervoor verwijzen we ook naar eerdere publicaties in onze nieuwsbrieven.

Wat betreft de andere roerende goederen zoals gsm’s, laptops, tablets ,etc. die zowel beroepsmatig als privé worden gebruikt aanvaardt de administratie, bij wijze van proef, dat het beroepsgebruik forfaitair wordt vastgesteld op 75%. Dit forfait geldt voor de roerende bedrijfsmiddelen alsook voor andere roerende goederen (vb. roerende goederen met een waarde lager dan EUR 1.000 en gehuurde goederen). Het algemeen forfait is niet enkel van toepassing op de aankoop of huur van een goed, maar eveneens op de daarmee verband houdende kosten (telefoonabonnement, gesprekskosten, internetabonnement, herstellingskosten, …). De keuze is vrij. Kiest u voor een hoger aftrekpercentage dan ligt de bewijslast bij u. Het algemeen forfait is niet van toepassing op leveringen van elektriciteit, aardgas, water, aardolie, enz. Ten aanzien van deze goederen dient het beroepsgebruik te worden vastgesteld onder toezicht van de administratie rekening houdend met de feitelijke omstandigheden.

Wat betreft onroerende goederen dient de verhouding beroepsmatig en privématig gebruik steeds onder toezicht van de btw-administratie te worden vastgesteld, dit op basis van de feitelijke omstandigheden. Hierbij geldt geen forfait.

Wenst u over dit alles meer te weten, neem dan contact op met Wim De Pelsmaeker of Veerle Van Den Steen of uw dossierverantwoordelijke.

 

26/05/2014