Baker Tilly

Alarmbelprocedure en bestuurdersaansprakelijkheid


Het bestuursorgaan van een onderneming moet voldoende aandacht besteden aan haar (tussentijdse) resultaten. Immers, wanneer het maatschappelijk kapitaal van een vennootschap door verliezen wordt aangetast, legt het Wetboek van Vennootschappen de zaakvoerders en de bestuurders van vennootschappen een aantal verplichtingen op. De zogenaamde alarmbelprocedure. Het Wetboek van Vennootschappen voorziet dat wanneer men vaststelt dat het netto-actief gedaald is tot beneden de helft of beneden één vierde van het maatschappelijk kapitaal, het bestuursorgaan een bijzonder verslag moet opstellen. De algemene vergadering moet zich binnen de twee maand uitspreken over het bijzonder verslag. Ofwel beslist de algemene vergadering om de vennootschap vervroegd te ontbinden ofwel zet men de activiteiten verder.
(NV: Art. 633 W. Venn.; BVBA Art. 332 W. Venn.; CVBA 431 W. Venn.)

In het bijzonder verslag, dat 15 dagen voor de algemene vergadering aan de aandeelhouders moet worden overhandigd, verantwoordt het bestuursorgaan zijn eventuele voorstellen tot stopzetting of verderzetting van de activiteiten. Als het bestuursorgaan voorstelt om de activiteiten van de vennootschap verder te zetten, moet in het bijzonder verslag van het bestuursorgaan aangegeven worden welke maatregelen het bestuursorgaan overweegt om de financiële toestand van de vennootschap te herstellen.
Als dit verslag ontbreekt, dan zal de beslissing van de algemene vergadering nietig zijn.

Bovendien kan iedere belanghebbende de gerechtelijke ontbinding van de vennootschap voor de rechtbank van koophandel vorderen, wanneer het netto-actief of het eigen vermogen gedaald is tot onder het wettelijk minimumkapitaal. Meestal staat de rechtbank aan de vennootschap een regularisatietermijn toe.
(NV: Art. 634 W. Venn.; BVBA Art. 333 W. Venn.; CVBA Art. 432 W. Venn.)

Het is van groot belang dat de alarmbelprocedure correct en tijdig wordt nageleefd. Artikel 332, 431 en 633 van het Wetboek van Vennootschappen bepalen immers dat de door derden geleden schade, behoudens tegenbewijs, geacht wordt voort te vloeien uit het ontbreken van een bijeenroeping. Er is een weerlegbaar vermoeden van aansprakelijkheid in hoofde van het bestuursorgaan voor de schade geleden door derden. Het vermoeden rust op de stelling dat de algemene vergadering tot de ontbinding zou hebben beslist waardoor een verdere verslechtering van de financiële situatie van de vennootschap zou vermeden worden.

Bovendien zijn bestuurders en de zaakvoerders hoofdelijk aansprakelijk voor overtredingen van het Wetboek van Vennootschappen.

Let wel, het naleven van de alarmbelprocedure vrijwaart de bestuurders of zaakvoerders niet voor hun aansprakelijkheid in het geval van kennelijke onredelijke voortzetting van een onderneming in moeilijkheden.

Rol commissaris

Indien de commissaris ter gelegenheid van zijn controlewerkzaamheden gewichtige en overeenstemmende feiten vaststelt die de continuïteit van de onderneming in het gedrang kunnen brengen, moet hij het bestuursorgaan hiervan schriftelijk en op een omstandige wijze op de hoogte brengen. In dat geval moet het bestuursorgaan beraadslagen over de maatregelen die moeten worden genomen om de continuïteit van de onderneming gedurende een redelijke termijn te vrijwaren. (Art. 138 W. Venn.)

Wenst u over dit alles meer te weten, neem dan contact op met Christel De Blander of uw dossierverantwoordelijke.

 

27/09/2013